Menu info@ambvlezenbeek.be 02/569.07.24
Nieuws
Onze school
Info
Klassen
Schoolgebeuren
Kalender
Documenten
links
Contact

oefenen met het woorddoosje

 

 

Voor Frans hebben jullie naast je livre en cahier ook een woorddoosje dat jullie kan helpen om de woorden van Frans in te oefenen. Hieronder vinden jullie een aantal tips en spelletjes om deze woorden op een aangename manier te leren of af en toe te herhalen. Hebben jullie zelf leuke manieren om de woorden in te oefenen? Deel die dan zeker ook met de juf en de andere leerlingen!

Het is ook erg zinvol om regelmatig met de studeerwijzer de zinnetjes van eerder geleerde unités

te gaan herhalen!

WANNEER JE ALLEEN OEFENT:

  • OEFENEN: Oefen de geleerde woorden rustig in door deze te gaan vertalen van Nederlands naar Frans of van Frans naar Nederlands, door ze te gaan schrijven, er een zin mee te maken, …

WANNEER JE VAN IEMAND HULP KRIJGT OM DE WOORDEN IN TE OEFENEN OF JE SAMEN MET IEMAND ANDERS OEFENT:

  • FLITSEN
    • Spreek af wie begint.
    • De volgende leerling trekt een woordkaartje en leest wat er in het Nederlands op het kaartje staat voor.
    • De andere leerling moet dit woord juist vertalen.
    • Is het antwoord JUIST, dan krijgt mijn vriend de flitskaart. Is het FOUT, dan steek ik het kaartje in het woorddoosje terug. (OPGELET: fout lidwoord = FOUT)
    • Nu  is het de beurt aan de andere om een vraag te stellen aan zijn vriend.
    • Je bent gewonnen  wanneer je als eerste 10 flitskaarten hebt.
  • BOUM!
    • Neem een tiental woordkaartjes van woorden die je al leerde en leg deze met de Nederlandse kant naar boven.
    • 1 leerling draait zich even om, ondertussen kiezen de anderen een woordkaartje dat de bom is.
    • De klasgenoot draait zich terug om en begint de woordkaartjes één voor één te vertalen.
    • Als hij de bom aanduidt, zegt iedereen ‘BOUM!!’.
    • Wie kan de meeste woordkaartjes vertalen zonder te ‘ontploffen’?
  • PICTIONNARY
    • Trek een woordje uit het woorddoosje en probeer dit te tekenen.
    • De andere(n) raden in het Frans om welk woord het gaat.
  • UITBEELDEN
    • Trek een woordje uit het woorddoosje en beeld dit uit.
    • De andere(n) raden in het Frans om welk woord het gaat.
  • WELK WOORD ONTBREEKT?
    • Leg een 5-tal woordkaartjes met de Franse kant naar boven en memoriseer deze.
    • Doe je ogen dicht, je tegenspeler neemt nu 1 of meerdere kaartjes weg. Welke woorden liggen er niet meer?
    • variatie: hoe meer woordkaartjes je legt, hoe moeilijker – hoe meer woorden weggenomen worden, hoe moeilijker – je kan ook de woorden met de Nederlandse kant naar boven leggen

Veel oefenplezier!

Juf Inge en juf Clara